Tag: Milieucentrum Rotterdam

Rotterdams Milieucentrum - groene conferentie 2021

Pleidooi voor een Rotterdamse Boombond

Rotterdams Milieucentrum - groene conferentie 2021In mijn nieuwjaarscolumn 2021 voor het Rotterdams Milieucentrum pleit ik voor een Boombond: een boom voor iedere Rotterdam, van je wieg tot je graf. “Aan de vruchten kent men de boom, en dus kennen we hopelijk over een paar jaar aan de bomen ook de stad. Met dank aan de Boombond.”

De Rotterdamse Boombond

[tekst gaat verder onder de video; start column op 2.30]

Schoonheid. Schaduw. Vogels. Verkoeling. Koolstofconsumptie. Klimaatbeheersing. Waterbuffer. Windbreker.

Dat en meer. Dat bieden bomen!

Nogal wiedes dat er steeds meer initiatieven zijn om bomen te planten. Véél initiatieven. Plan Boom. Cool Down City. Meer Bomen Nu. Trees For All. Bovendien heeft de stad Rotterdam grote ambities voor het vergroenen van de buitenruimte.

Maar wie denkt door de bomen het Rotterdamse bos niet meer te zien, komt bedrogen uit. De benodigde grond voor bomen is heilig. We hebben die grond namelijk óók nodig voor parkeerplaatsen, zonnepanelen, bekabeling, windmolens, riolering, winkels, geothermie, fietspaden, waterreservoirs, uitlaatvelden, asfalt, kantoorkolossen en reclamemasten.

Oja, en dan willen we ook nog tienduizenden woningen bouwen.

In de grote rekensom die nodig is om dat alles een plek te geven, worden bomen snel uit de vergelijking weggestreept. Want wie heeft nú een boom nodig? Niemand. En dus komen bomen in de categorie die het stiefkind van elke gebiedsontwikkeling is: belangrijk, maar niet urgent – en dus ten dode opgeschreven.

Willen bomen een kans maken in de complexe algebra van de stedelijke ontwikkeling, dan moeten zij stoppen anoniem, onpersoonlijk en inwisselbaar te zijn. Bomen moeten er niet alleen vóór mensen zijn, maar ook ván mensen zijn.

Daarom pleit ik vandaag voor een gloednieuwe regeling in Rotterdam: de Boombond.

Dat zit zo.

Elke inwoner, van baby tot bejaarde, van ras-Rotterdammer tot exotische import, wordt na inschrijving in de stad automatisch de geestelijk vader of moeder van een boom.

Word je hier geboren of verhuis je de stad in, dan overhandigt de gemeente je het eigendomscertificaat voor de boom in kwestie, liefst binnen je eigen postcode. Je kunt vervolgens twee dingen doen: of tegen betaling de boom laten onderhouden (vergelijkbaar met de afvalstoffenheffing, inclusief kwijtschelding voor lagere inkomens), of dat zelf doen.

Om de Boombond zo sterk mogelijk te maken, mag je de eik, es of iep zelf een naam geven. Verder krijg je te horen op welke dag ie geplant is, zodat jij elk jaar op bijvoorbeeld 29 oktober, verkleed als eikel, de lieve zaailing een extra scheut pokon en een lekkere snoeibeurt kunt geven, plus dat je een lekkere kastanjetaart voor je buren bakt. Het is tenslotte een feestdag, nietwaar?

Administratief is de Woonbond simpel te realiseren. Zo beschikt Rotterdam over meer bomen dan inwoners dus de potentie is er. Rotterdam heeft bovendien een prachtig registratiesysteem waar al 150 duizend bomen in vermeld staan. Veld ‘eigenaar’ erbij, koppeling naar de gemeentelijke basisadministratie, en de mens-boom-relatie is een feit. En zijn er te weinig bomen? Dan kan de gemeente niet anders dan nieuwe bomen aanplanten.

Ja, ik weet het: tussen boom en daad staan wetten in de weg, en praktische bezwaren. Nóg meer kosten? Ach, lieve mensen. Wie een nieuwbouwwoning koopt, wordt zonder uitzondering gevraagd om een parkeerplaats à 30 duizend euro af te nemen, ook al heb je helemaal geen auto. Wat zijn dan een paar tientjes per jaar voor je hoogstpersoonlijke boom, van wiens voordelen jij verder helemaal gratis mag profiteren? En de bijbehorende bureaucratie? Sinds de toeslagenaffaire weten we dat de overheid als geen ander in staat is om complexe systemen op – en burgers af te tuigen, dus zo’n Boombond is slechts gekafka in de marge.

In ruil voor dat eigenaarschap verplicht de gemeente zich bovendien om jou te betrekken bij alle ontwikkelingen die jouw chlorofiele kind aangaan. Moet je boom verplaatst worden vanwege werkzaamheden? Gaat je boom minder zon ontvangen door een megalomaan naburig hoogbouwproject? Of – God verhoede! – is je boom overleden na een gruwelijk geweldsincident van bouwvakkers, projectontwikkelaars, onderhoudsvrije-achtertuinen-fetisjisten en andere natuurlijke vijanden van de boom? Dan komt de bomenrecherche je informeren (“Meneer Janse, we hebben slecht nieuws. Mogen we even binnenkomen om daar een boompje over op te zetten?”). Ook wordt er een item aan het leed gewijd in het vaste bomenblok van Opsporing Verzocht (“De politie is op zoek naar een witte man van middelbare leeftijd met een zwart-oranje kettingzaag en een uniform van de afdeling ‘Stadsontwikkeling gemeente Rotterdam’”) en krijgen delinquenten een levenslang verbod op de aankoop en het gebruik van hout en/of bladeren.

En niet alleen je leven wordt leuker met de Boombond; zelfs je dood gaat erop vooruit. Overlijd jij eerder dan je boom? Dan wordt deze voorzien wordt van een naamplaat van jou, de meest recente vader of moeder van de boom in kwestie, voordat ie naar zijn nieuwe baasje gaat. En gaat je boom eerder dood dan jij? Dan kun jij nog één keer profiteren van zijn vruchten: je zaagt er alvast planken van voor je doodskist, je hakt de boom in stukjes voor brandstof in het crematorium, of – voor de minder morbide eigenaren – je laat er een leuk wiegje van timmeren voor een toekomstige eigenaar van de nieuwe boom die jou wél overleeft.

Aan de vruchten kent men de boom, en dus kennen we hopelijk over een paar jaar aan de bomen ook de stad. Met dank aan de Boombond.

Groene Conferentie 2019

Column Groene conferentie 2019: acceptabel versus effectief

Groene Conferentie 2019Het is een prachtige traditie: bij de jaarlijkse Groene Conferentie van Rotterdams Milieucentrum mag ik een column voorlezen. In de beste kerstgeest koos ik voor – zowaar! – een moralistisch pleidooi voor progressief beleid, aan de hand van twee van mijn favoriete citaten: “Iedere verandering is een verslechtering, zelfs een verbetering” en “Effectieve oplossingen zijn niet acceptabel en acceptabele oplossingen zijn niet effectief”.

Ik tip conservatieve onzin uit de Rotterdamse politiek aan, maar waarschuw óók voor de chaos die volgt als progressief Rotterdam aan de macht komt. “De hoeveelheid weerstand uit conservatieve hoek die de eindeloze reeks radicale revoluties van de progressieven zou oproepen, laat de vier ruiters van de apocalyps handenwrijvend aan de stadsgrens bij Beverwaard staan. “Nee, laat ze maar even, ze hebben in Rotterdam een participatiemaatschappij waarbij ze zelf met de eindtijd starten”, zegt Antichrist, terwijl Oorlog wat extra olie op het vuur gooit door 100 extra zetels aan de Partij van de Dieren te geven, en Honger en Dood nog wat parkeervakken omtoveren in terrassen voor luidruchtige, laveloos lallende Britten.”

Meer lezen

rmc_ingejanse-2018-1200

Column Groene Conferentie: Waterschappen, je weet maar nooit

Voor het Rotterdams Milieucentrum mocht ik in december tijdens de Groeneconferentie over ‘water en de stad‘ het grote waterschapsdebat aftrappen met een column. Het grote wat? Ja, precies. Ik snap er ook niets van. En daar gaat mijn column over. Hopelijk lezen de kandidaat-bestuurders mee, zodat we in maart enigszins snappen waar we op stemmen.

Meer lezen

milieucentrum-rotterdam-ingejanse

Live column Rotterdams Milieucentrum: een beter milieu begint bij je stem

milieucentrum-rotterdam-ingejanse
Foto: Tom Pilzecker

Wordt het wat met duurzame ambities van de Rotterdamse politiek? Als opening voor de Groenconferentie, het politieke debat op 12 december in Bar van het Rotterdams Milieucentrum, analyse ik alle partijprogramma’s voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2018. Mijn conclusie: als je enige serieuze aandacht wilt voor het klimaat in Rotterdam, valt er genoeg te kiezen.

Een beter milieu begint bij je stem

We praten dus over de duurzame ambities van de Rotterdamse politiek. Geen politicus zal toch meer zijn of haar ogen sluiten voor de klimaatproblematiek? Toch? Om daar antwoord op te kunnen geven, heb ik alle beschikbare partijprogramma’s voor de komende verkiezing doorgenomen.

Eerst even de algemene feiten. Rotterdam heeft klimaatambities. Absoluut. Milieudienst DCMR meldt in zijn jaarlijkse milieurapportage: “De stadsregio Rotterdam heeft in 2008 de doelstelling voor 2025 bepaald en streeft naar een 40% lagere CO2-uitstoot in 2025, ten opzichte van 1990.”

Klinkt goed toch?

Maar diezelfde DCMR schrijft ook: “De CO2-uitstoot van het Haven Industrieel Complex vormt 90% van de totale CO2-uitstoot van Rotterdam. Omdat de regiogemeenten en stadsregio weinig invloed hebben op de ontwikkelingen in dit haven- en industrieel complex, is de ambitie exclusief dit complex geformuleerd.” Oftewel: praten we niet over de haven, dan praten we over 10% van de totale uitstoot in Rotterdam.

Willen we écht verder komen, dan moeten we naar de bron van alle CO2: het haven- en industrieel complex. Met die bril op las ik alle verkiezingsprogramma’s. Laten we beginnen met de huidige coalitie. En dat betekent ook: laten we beginnen met het slechte nieuws.

Coalitie: Leefbaar Rotterdam, CDA en D66
Rotterdams grootste, ziet namelijk niets in grote veranderingen. Ja, in de stad komen er wat boompies bij, plus een zonnepaneel hier en daar. Maar de haven? “Wij willen economisch beleid dat ondernemers steunt in plaats van dwarszit met onnodige regels en hoge belastingen”, vertelt het programma. Ongeacht wat. Misschien kan Leefbaar ook wat ambtenaren laten meeluisteren in de Rotterdamse directiekamers van de grote chemie- en energiebedrijven, of daar geen haat tegen het klimaat wordt gepredikt. Zomaar een ideetje hoor.

De kleinste van de coalitie-drie-eenheid, klinkt iets groener. Ja, de haven moet duurzaam worden. Maar het hoe, dat klinkt wat naïef. ‘Vragen om een routekaart’ en ‘afspraken maken om optimaal te kunnen steunen’ doet niet vermoeden dat het CDA écht menens is.

Van de drie is D66 het meest ambitieus. Rotterdam is in 2040 klimaatneutraal en windmolens maken op korte termijn kolencentrales overbodig. Dat dat geld kost, daar zal zelfs Jos Verveen het mee eens zijn. Gelukkig is de oplossing voor D66 eenvoudig: Eneco verkopen. Dan de oppositie. Gloort daar het groene goud?

Oppositie: PvdA en SP
Bij de PvdA ligt de focus vooral op vergroenen om banen te creëren. Gebouwen isoleren? Banen. Eneco niet verkopen? Banen. Focus op duurzame goederen? Banen. Je zou het bijna jammer gaan vinden dat de partij na de verkiezingen niet meer bestaat.

Oppositiepartij twee is SP, en zij heeft serieuze plannen. Kolencentrales dicht, meer groene energie, opzet duurzaamheidsfonds, verplicht hergebruik van industriële restwarmte, voorrang voor cleantech-bedrijven op petrochemische installaties, én het havenbedrijf wordt weer van de gemeente. We laten maar even in het midden wie dat allemaal gaat betalen, en genieten vooral van de ambities.

VVD
De VVD, u weet wel, die partij die landelijk heel groot is maar in Rotterdam niet verder komt dan pleiten voor de aanleg van meer parkeerplaatsen en fulmineren op de milieuzone, is ook komende periode weinig radicaals van plan. Ja, ze is ‘voorstander’ van de ‘energietransitie’, maar wat dat betekent, dat zullen we in het verkiezingsprogramma nooit te weten komen.

NIDA en CU-SGP
Moslim-inspiratie en milieu, hoe gaan die samen? NIDA heeft nog geen partijprogramma, maar als het speerpunt ‘De economie dient in dienst te staan van de maatschappij en niet omgekeerd’, een invulling krijgt, dan hebben we die haven zó vergroend.

Ook haar christelijke equivalent, CU-SGP, heeft er komende periode zin an. Iets met de Heere en rentmeesterschap. “We willen méér duurzame energie en minder vervuilende brandstoffen.” Maar ja, willen, willen, willen. Vrij naar Willem Elsschot: Maar tussen droom en daad staan wetten in de weg, en atheïstische bezwaren, en maar één zetel in de raad, die niemand kan verklaren, en die hetzelfde blijft, wanneer men stemmen gaat.

Partij van de Dieren en GroenLinks
Nee, dan de Partij van de Dieren. Zij wil Rotterdam uiterlijk in 2030 klimaatneutraal hebben, en klimaatdoelstellingen staan centraal bij alle plannen. Zo wordt de haven volledig fossielvrij, ongeacht of het schaliegas of kolen is. Zelfs CO2 moet het ontgelden, want plannen voor de afvang en opslag van dit broeikasgas worden per direct beëindigd.

Dan, als laatste, maar zeker niet als minste: GroenLinks. Met Judith Bokhove aan de macht wordt de gemeente weer een actieve aandeelhouder van de haven. En dat betekent: Rotterdam als vanzelfsprekende vestigingsplaats voor duurzame bedrijven, circulaire industrie die heel het fossiele cluster van petrochemie en energie vervangt, en massale inzet op biomassa. Kijk, zo komen we er wel.

Nieuwkomers: PVV, Denk en 50plus
En dan zijn er natuurlijk de nieuwe partijen die naar de stad komen. Gaan die het klimaat redden? Beginnend bij het einde: bij de PVV gebeurt er helemaal niets. Of ze deelneemt is nog onbekend, een partijprogramma ontbreekt, en communicatie met de partij is onmogelijk. Maar wie naar de landelijke lijn kijkt, hoeft weinig te verwachten. De fameuze A4 met wat holle frases is daar vrij duidelijk over: “Geen geld meer naar ontwikkelingshulp, windmolens, kunst, innovatie, omroep, enz.”

Bij tegenpool Denk is voor het milieu een stuk meer te halen. Want hoewel de partij van Tunahan Kuzu nog niet formeel meedoet in 2018, klinken de landelijke standpunten – die een leidraad vormen voor de lokale afdelingen – in ieder geval groen in de oren. Streven naar een circulaire economie, 40% duurzame energie in 2030, en veel aandacht voor groene innovaties.

50plus, als laatste grote nieuwkomer, zet logischerwijs niet in op drastische maatregelen. Want laten we wel zijn: lange-termijnambities betekenen voor hun stemmers dat zij er pas vér na hun dood van profiteren. En dus gaat senior-Rotterdam vooral voor knuffelbare groene instant-oplossingen, zoals bijenhotels, schuillocaties voor vlinders en minder zwerfafval. Dat kan ook niet anders, want 50plus heeft de gemeentelijke begroting voor heel andere zaken nodig. “Voorts is 50PLUS Rotterdam van mening dat er een Universeel Basisinkomen moet komen voor een onbekommerd bestaan. Te beginnen bij mensen vanaf 55 jaar.”

Rest de vraag: wordt het wat met een duurzaam Rotterdam? Het slechte nieuws is dat nog lang niet alle partijen overtuigd zijn van nut en noodzaak van verandering, of daar naar willen handelen. Maar er is ook goed nieuws. Want als u ook maar enige serieuze aandacht wilt voor het klimaat, weet dan dat er komend jaar in Rotterdam meer dan genoeg te kiezen valt. Aan de politiek hoeft het niet te liggen. Nu de stemmers nog.