Tag: big data

boldcast-logo

BOLDcast #1: Datagedreven re-integratie in Rotterdam, zo werkt dat

boldcast-logo
Illustratie: Margriet Osinga

Voor Leiden-Delft-Erasmus Centre for BOLD Cities maak ik een nieuwe podcastserie: BOLDcast. Hierin kijk ik welke rol (open en big) data kan spelen bij maatschappelijke vraagstukken – en welke gevaren daarbij komen kijken.

In de eerste editie: re-integratie op de arbeidsmarkt is een notoir lastig vraagstuk. Data kan daarbij helpen, maar mag dat ook altijd? En welke gevaren liggen daarbij op de loer? Liesbet van Zoonen (wetenschappelijk directeur van het Centre for BOLD Cities) en Maarten van Kooij (strategisch adviseur Werk & Inkomen bij de gemeente Rotterdam) vertellen over hun ervaringen. “Veranderingen gaan gewoon niet zo snel als iedereen denkt.”

Meer lezen

big data-model

Mini-college voor Studio VVD: introductie big data in 9 stappen

big data-model
big data-model

Voor Studio VVD, het opleidingstraject voor young professionals van deze partij, gaf ik een mini-college over big data. Aan de hand van 9 stappen legde ik uit wat big data is, welke mogelijkheden het biedt voor politieke partijen en hoe je ermee aan de slag kunt gaan. De presentatie vind je hieronder.

nrc-technologie-muziek-bigdata

NRC Technologie: big data ontdekt je nieuwe favoriete band

nrc-technologie-muziek-bigdata
Afbeelding: Tomas Schats

Voor de technologie-pagina’s van NRC zocht ik uit hoe muziekdiensten als Spotify en Deezer big data inzetten om je nieuwe muziek te laten ontdekken. Dat was een feest, want ik hou enorm van muziek én technologie. Ik sprak zowel met muziekdiensten als muziekjournalisten om de verhouding tussen mens en machine in kaart te brengen én de lezer te helpen om zijn volgende favoriete artiest te spotten.

Niet wéér Elton John

Online muziekdiensten Luister je al jaren dezelfde muziek? Spotify, Apple Music en Google Play verbreden je muziekhorizon op basis van je luistergedrag. Toch blijven tips van mensen cruciaal.

nrc-technologie-muziek-bigdata
Afbeelding: Tomas Schats

“Omdat je naar Rod Stewart hebt geluisterd: luister ook naar Elton John.” Zomaar een suggestie die fervente Stewart-fans krijgen in Spotify. Deze online muziekdienst, maar ook zijn concurrenten Apple Music, Google Music en Deezer, weten namelijk dat mensen steeds minder nieuwe muziek luisteren naarmate ze ouder worden (zie kader). Toch willen zij u ertoe verleiden nieuwe bands uit te proberen. Want, zo is de gedachte: hoe meer muziek u via ons luistert, hoe groter de kans dat u een betalende abonnee wordt én blijft.

Voor dat doel zetten deze online muziekstations steeds grotere en geavanceerde wapens in die gevoed worden door big data. Betekent dit het einde van mensen die mixtapes voor hun vrienden maken? Een rondgang langs zowel muziekdiensten als experts laat het tegendeel zien: de mens blijft cruciaal bij het geven van muzieksuggesties.

Ontdekkingstocht

Beginnend bij het begin: hoe krijgt u muziektips van een computer? Diensten als Spotify, Apple Music, Google Music en Deezer werken grofweg volgens hetzelfde basisprincipe. Stel: u bent fan van Rod Stewart. Muziekprogramma’s weten uit hun luisterdata van miljoenen gebruikers dat de gemiddelde Stewart-fan óók vaak luistert naar Elton John. Doet u dat nog niet, dan is de kans groot dat het een prima muziektip is.

Om toch onderscheidend te zijn, gooit elke dienst zijn eigen saus over deze kale benadering. In Apple Music (37 miljoen nummers) geven muziekjournalisten suggesties, gebaseerd op uw luistergedrag. Daarnaast biedt het met Beats 1 een ‘ouderwets’ radiostation waar iedereen dezelfde platen hoort, uitgezocht en gepresenteerd door muziekjournalisten. Ook Google Music (30 miljoen nummers) zet experts in om tips te geven aan de hand van uw luistergedrag, maar houdt daarbij rekening met het uur van de dag en of u aan het ontbijt zit, werkt of een boek leest.

Spotify’s (30 miljoen muzieknummers) belangrijkste wapen is de persoonlijke en wekelijks bijgewerkte afspeellijst ‘Discover Weekly’, vertelt Matthew Ogle. De 36-jarige Brit werkt vanuit het hoofdkantoor in New York en is het grote brein achter alle muziektips van de dienst. Hij omschrijft de playlist als ‘een mixtape van twee uur die voelt alsof een vriend hem gemaakt heeft’. Omdat de lijst uit slechts dertig nummers bestaat die redelijk goed bij elkaar passen, hoopt Ogle dat mensen de ontdekkingstocht aandurven.

Kil en afstandelijk

Toch kan zoveel nieuwe muziek nog steeds beangstigend zijn. Lachend vertelt Ogle dat een bug dit probleem verhelpt. “Door een fout in het algoritme kwam er per ongeluk muziek in Discover Weekly die je al kende. Ik zei gelijk: dat moeten we repareren. Maar luisteraars vonden dat niet fijn. Als je niets herkent, dan vertrouw je de lijst ook niet. We hebben die bug daarom weer teruggezet.” Zo blijkt maar weer: zelfs doordat hij fouten maakt, blijft de mens cruciaal voor het geven van goede muziektips.

Nu klinkt dit allemaal erg kil en afstandelijk, computers die ons muziektips geven. Ogle ontkracht dat graag. “Onze adviezen worden gedreven door data, maar 100 procent gevoed door mensen. Discover Weekly kijkt naar 2 miljard door mensen gemaakte playlists en bepaalt zo welke platen bij jou passen.” Bovendien zet Spotify, net als zijn concurrenten, zo’n veertig experts in die muziektips geven via wekelijks bijgewerkte playlists, variërend van balkanbeats tot snoeiharde metal.

Het Franse Deezer (35 miljoen muzieknummers) is niettemin nóg menselijker in zijn tips, claimt Benelux-directeur Fabrizio Gentile (42). Het bedrijf heeft wereldwijd namelijk vijftig curatoren in dienst om de technologie te ondersteunen bij het geven van muzieksuggesties. Hierbij zorgt big data ervoor dat elke luisteraar in een categorie valt, waarna experts gerichte adviezen aan die groep geven. In Amsterdam zitten bijvoorbeeld twee redacteuren die lokale trends (zowel regionale bands als culturele fenomenen) vertalen naar muziektips en afspeellijsten. “We wisten vanaf het begin dat we niet terug kunnen vallen op technologie alleen. Menselijke curatoren helpen luisteraars om buiten hun normale comfort zone te komen.”

Vertrouw op smaak

Kenners van vlees en bloed blijven dus onontbeerlijk voor software om goede muziektips te geven. Maar hoe denken die kenners zelf over de waarde van digitale suggesties? René Passet (49), goed voor bijna 25 jaar journalistieke ervaring bij onder meer Oor, spot de nieuwste artiesten vaak via (fysieke en online) platenwinkels, muziekblogs en online radiostations. Geautomatiseerde tools spelen voor hem amper een rol van betekenis. “Ik vertrouw meer op de smaak van curatoren of eigenaars van platenwinkels dan op een algoritme. Spotify raadt me vooral artiesten aan die allang in mijn platenbak staan.”

Wat hij wel belangrijk vindt, is dat mens en machine samen optrekken om de overvloed aan muziek in te dammen. “Er komt tegenwoordig zoveel muziek uit! Het is daarom steeds belangrijker dat iets of iemand ons wegwijs maakt. Of dat nou software of een curator is: we hebben hulp nodig.”

Voortdurend nieuwe muziek

Hij krijgt daarin bijval van de 35-jarige Atze de Vrieze, sinds 2006 muziekredacteur bij de VPRO. Nee, zelf muziek ontdekken doet de 3voor12-redacteur vooral via festivals (zoals Eurosonic en Le Guess Who?), zijn collega-journalisten en muzieksites als Pitchfork en Stereogum. Voor hem zijn algoritmes daarom van minder waarde. “Ik loop vaak iets voor de muziek uit. De platen die ik nu luister, worden meestal pas later door Spotify getipt.”

Maar toch gelooft hij heilig in de toegevoegde waarde van machines om muziek te ontdekken. Door diensten als Spotify is muziek namelijk veel toegankelijker geworden. “Tegenwoordig luister je het ene moment naar Oneohtrix Point Never en het andere moment naar Justin Bieber. De toegankelijkheid van muziek en slimme algoritmes zorgen dat dit veel sneller gebeurt. Alleen de oude garde moet daar nog aan wennen.”

Voorlopers worden dus weinig wijzer van digitale muziektips. Wel zien zij geautomatiseerde aanbevelingen als een cruciaal instrument om het grote publiek te helpen kaf van koren te scheiden – én eindelijk eens iets anders te luisteren dan Rod Stewart.

Mannen winnen, kinderen zijn funest
Om te bepalen hoe lang we nieuwe muziek blijven ontdekken, keken de onderzoekers in april 2015 naar de luisterdata van Spotify, ‘s werelds meest populaire dienst voor het online luisteren naar muziek. Wat bleek: vanaf ons 13e levensjaar starten we met het luisteren naar de bekende radiohits, waarna we onze muzieksmaak ontwikkelen en artiesten gaan beluisteren die minder gangbaar zijn. Dat proces gaat tijdens de puberteit in een moordtempo, vlakt vervolgens af in snelheid, en stagneert vrijwel volledig rond het 33e levensjaar. Die vertraging treedt vier jaar eerder in als er voor die leeftijd al kinderen in het spel komen. Vrijgezellen houden de race om alles bij te houden en nieuwe bands te ontdekken het langst vol, terwijl mannen vaker ‘experimentele’ muziek luisteren dan vrouwen. Soortgelijk onderzoek uit begin 2014 bevestigt dit beeld: mensen tussen de 25 en 34 luisteren twee keer zo lang en naar twee keer zoveel artiesten als luisteraars van 65 of ouder.

CIO Outlook: wie kookt de big data-soep?

Artikel CIO Magazine: Wie kookt de big data-soep?

CIO Outlook: wie kookt de big data-soep?
CIO Outlook: wie kookt de big data-soep?

Voor ICT-medium CIO Magazine schreef ik een artikel over het tekort aan big data-experts in Nederland. Ik sprak daarvoor met Albert Bogaard van ORTEC en Michel Van De Velden van Erasmus School of Economics. De conclusie: ga econometrie studeren en je hoeft nooit meer om werk (of geld) verlegen te zitten.

Het artikel, dat op social media bijna 100 keer gedeeld werd, is te lezen via de website van CIO Outlook of hieronder.

Meer lezen

Hogeschool Rotterdam - Instituut voor Communicatie, Media en Informatietechnologie

Docent keuzemodule ‘Wat kun je met big en open data?’ bij Hogeschool Rotterdam

Hogeschool Rotterdam - Instituut voor Communicatie, Media en Informatietechnologie
Hogeschool Rotterdam – Instituut voor Communicatie, Media en Informatietechnologie

Eén van de dingen die ik heel graag wilde gaan doen als freelancer, was om te doceren. Ik presenteer graag, deel graag informatie en ben enthousiast over wat ik doe. Ik ben er daarom ook erg gelukkig mee dat ik in het studiejaar 2014-2015 een (zelf ontwikkelde) keuzemodule mag geven op de Hogeschool Rotterdam bij het Instituut voor Communicatie, Media en Informatietechnologie.

In de tweede en vierde periode van het studiejaar vertel ik studenten over wat je conceptueel kunt doen met big en open data, zoals het ontwikkelen van concepten voor voor apps en online diensten. Studenten leren wat big data en open data betekenen, weten hoe ze aan de slag moeten als ze een dienst willen verzinnen met deze datasets en ontwikkelen zelf een doordacht idee voor een dienst. Tijdens de colleges discussiëren we bovendien over ethische aspecten zoals privacy, nudging en commercie.

Industrie 4.0

Industrie 4.0: wat is het en wat kan de maakindustrie ermee?

Industrie 4.0
Industrie 4.0

Voor het vakblad PT Industrieel Management schreef ik in de zomer van 2014 een trendverhaal over Industrie 4.0 en het Internet of Things. Ik sprak hiervoor onder meer met experts van de overheid, banken en universiteiten om te achterhalen wat deze vierde industriële revolutie gaat betekenen voor de maakindustrie in Nederland.

Meer lezen

Verkiezingsvoorspelling Vers Beton

Onderzoek: Leefbaar Rotterdam wint verkiezingen 2014

Verkiezingsvoorspelling Vers Beton
Verkiezingsvoorspelling Vers Beton

In 2012 had ik voor het Rotterdamse online tijdschrift Vers Beton al eens  onderzoek gedaan naar hoe Rotterdammers bij de landelijke verkiezing hadden gestemd, en daarbij had ik dankbaar gebruikgemaakt van de database van promovendus Joost Smits. Voor de stedelijke verkiezing van 2014 leek het collega Ties Joosten en mij leuk om samen met Smits te kijken wat historisch stemgedrag ons leert over de toekomst. Het resultaat was een (achteraf juiste) voorspelling van Leefbaar Rotterdam als winnaar van de verkiezingen én een confronterend inzicht in de voorspelbaarheid van ons stemgedrag.

Het artikel deed veel stof opwaaien: politici buitelden over elkaar heen om reacties te geven en TV Rijnmond maakte een nieuwsitem over Joost Smits en zijn model. Bovendien bleken we onze tijd ver vooruit, want in het voorjaar van 2014 besteedden onder meer NRC en Trouw op vergelijkbare wijze aandacht aan het werk van Joost Smits. Meer lezen