Freelance journalist voor Chemie Magazine

Chemie Magazine
Chemie Magazine

Chemie Magazine is het maandblad van de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie. Voor dit magazine schrijf ik nieuwsberichten, achtergrondartikelen en interviews. Ook heb ik een vaste serie waarin ik maandelijks een opmerkelijke werknemer in de chemie interview om zo te laten zien waar een studie chemie toe kan leiden. Deelnemers hieraan variëren van beloftevolle jonge onderzoekers tot gerenommeerde CEO’s van chemiebedrijven.

Hieronder vind je een editie van deze serie over werken in de chemie met Lineke Pelleboer, een jonge, ambitieuze manager die op interim-basis ingehuurd wordt. Het origineel verscheen in de november-editie van Chemie Magazine in 2014 (pdf).

“Stilstand is achteruitgang, zeker weten”

Lineke Pelleboer, ad interim hoofd bij Sanquin

Ze is nog maar 32, maar laat dat je niet op het verkeerde been zetten: biotechnoloog Lineke Pelleboer heeft al bij vijf verschillende werkgevers gewerkt. Haar droombaan: flying doctor voor defecte fabrieken.

Lineke Pelleboer
Lineke Pelleboer (fotografie: Casper Rila)

1.     Wie ben je, waar werk je en wat is je functienaam?

Ik ben Lineke Pelleboer en werk sinds begin dit jaar als projectmanager bij bedrijven in de biotechnologie en farma via het detacheringsbureau Progress-PME. Mijn eerste project is bij Sanquin als ad interim hoofd van de afdeling trending. En dat is heel erg leuk! Wij doen namelijk alle statistische bepalingen die komen kijken bij het maken van medicijnen uit bloedplasma. Daarvoor moeten we het plasma helemaal uit elkaar trekken, waarbij we op verschillende punten kijken of het productieproces nog goed is. Plasma is een levend materiaal dat uit een mens komt, dus het vertoont nooit een constante lijn. Daarom monitort mijn afdeling de natuurlijke variatie in het proces. Wijkt het af, dan geven we dat door aan verantwoordelijke afdeling die die kijkt waar het probleem door veroorzaakt wordt.

Mijn afdeling bestaat uit vijf academici die allen hun eigen producten monitoren. Als leidinggevende zorg ik ervoor dat zij hun werk goed kunnen uitvoeren. Iedereen heeft zijn eigen talenten, dus ik probeer mijn collega’s werk te geven waarin zij tot bloei komen. Ik prikkel mensen om meer uit zichzelf te halen. Daarnaast ben ik bezig met de introductie van een statistisch programma om de afdeling te professionaliseren.

2.     Wat vertel je tegen een kind als dat vraagt wat voor werk je doet?

Ik heb toevallig net een familiefeestje gehad, dus ik heb mijn uitleg al uitgeprobeerd (lacht). Ik help bij het maken van medicijnen die onder andere werken tegen een ziekte waarbij je bloed niet meer stolt, hemofilie. Normaal krijg je een korstje op een wond als je je stoot. Maar mensen met hemofilie krijgen geen korstje, waardoor de wond blijft bloeden en bloeden. Ook krijg je heel veel blauwe plekken. Dat is heel gevaarlijk. Ik help daarom om medicijnen te maken waardoor het bloed wél gaat stollen. Mijn rol daarbij is om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de medicijnen zo goed is dat deze veilig het lichaam ingespoten kunnen worden.

3.     Hoe ben je in deze baan terechtgekomen?

Ik heb echt een héél erg lange route afgelegd waarbij mijn dyslectie een rode draad vormt. Op de lagere school had ik havo/vwo-advies, maar ik ging naar de mavo omdat mijn ouders de havo eng vonden. “Dat gaat nooit goed!”, zeiden ze. De mavo heb ik makkelijk gehaald, de havo daarna ook, maar omdat mijn ouders nog steeds dachten dat ik het niet kon, ging ik daarna naar het mbo: voedingstechnologie in Leeuwarden. Daar koos ik voor omdat ik van een boerderij afkom. Wij produceren daar melk en ik was benieuwd wat er met de melk gebeurt nadat het van ons erf afgaat. Ook heb ik erover gedacht om de boerderij van mijn vader over te nemen, dus dan is een agrarische studie handig. Maar toen ik eenmaal in de stad ging wonen, realiseerde ik me dat ik op een boerderij te eenzaam zou worden. Op de boerderij heb ik te veel koeien en te weinig mensen om me heen. Ik word gelukkig van mensen. Ook vond ik wat ik tijdens mijn studie deed leuker dan het werk op de boerderij.

Daarna volgde hbo-biotechnologie in Groningen, en om het af te maken de postbachelor bedrijfskunde in Amsterdam. Achteraf heb ik er spijt van dat ik niet naar de universiteit ben gegaan, want ik merk dat het in het bedrijfsleven erg belangrijk is dat je je master hebt. Maar ik heb voldoende om daarvoor te compenseren (lacht). Ik heb vertrouwen in wat ik doe en weet wat ik kan. Maar ik wil niettemin nog wel graag mijn MBA doen.

Ik ben gestart met een traineeship voor high potentials bij het recruitmentbureau Checkmark waarin ik in drie jaar drie bedrijven aandeed. Dat past heel goed bij mij, de diversiteit, het brede scala van onderzoek en de kans om verschillende bedrijven van binnen te zien. Ik begon bij DSM als technician, toen ging ik naar Abbott Laboratories als bioprocess developer, en bij de Janssen Pharmaceutica werkte ik als engineer. Hierna ben ik bij Janssen gebleven op de afdeling productie: eerst als teamleader met veertien mensen onder me, en daarna als shift supervisor voor de gehele procesvoortgang en productieplanning. Vooral vanwege de onregelmatige dag- en nachtdiensten bij Janssen heb ik na 3,5 jaar de overstap gemaakt naar Progress-PME. Bovendien was ik toe aan een nieuwe stap. Dat heb ik al snel. Hier kan ik regelmatig en snel nieuw werk doen, dus dat past bij mij.

4.     Wat vind je zo leuk aan wat je doet?

Doordat ik voor Progress-PME steeds nieuwe opdrachten doen, kan ik mezelf constant verbeteren en ontwikkelen. Dat is belangrijk voor mij. Daarom ben ik nu ook bezig voor mijn Black Belt van Lean Six Sigma. Stilstand is achteruitgang, zeker weten.

5.     Op welke eigen prestatie ben je het meest trots?

Bij Janssen Pharmaceutica heb ik samen met collega’s een jongerenvereniging opgezet. Want waar ik in de techniek écht het verschil kan maken, dat is in het organisatorische. De rode draad door mijn kleine carrière heen is het verbinden van mensen. Dat deed ik eerder ook al door in mijn studententijd een studievereniging op te richten en in het bestuur van de KNCV te zitten. Ik vind dat mensen uit een vakgebied met elkaar verbonden moeten worden. Die verbinding zorgt ervoor dat je samen tot nieuwe ideeën komt.

Waar ik persoonlijk trots op ben, is dat ik mijn Green Belt van Lean Six Sigma heb gehaald voor de optimalisatie van processen. Daarnaast ben ik bezig met mijn Black Belt. Ik vind dat zo’n mooie techniek! Het is geen hogere wiskunde, maar gewoon logisch boerenverstand. En het is visueel, iets waar ik als dyslectica op ben ingesteld.

6.     Wat drijft je in je werk?

Ik ben bang dat het als een cliché klinkt, maar ik ben er trots op dat ik een bijdrage lever aan het maken van medicijnen en zo de wereld kan verbeteren. Ik reis veel en vraag me altijd af waarom er zoveel ongelijkheid in de wereld is. Ik dacht eerst dat ik naar Ghana moest om kindertjes te helpen. Tijdens mijn studie heb ik daar twee maanden vrijwilligerswerk gedaan, maar ik merkte dat ik daar geen meerwaarde kan creëren. Bij het maken van medicijnen, wat ik ook heel leuk vind, merk ik dat ik iets toevoeg. Een efficiënte vorm van idealisme dus!

7.     Wat levert je werk je op?

Ik verdien goed, ruim twee keer modaal. De hoogte van je salaris ligt altijd gevoelig in Nederland, terwijl mensen in India gewoon bij de bushalte vragen hoeveel je verdient. Maar dat is niet de reden dat ik doe wat ik doe. Mijn werk levert namelijk vooral veel energie op. Ik kijk uit naar morgen, want er is voldoende te doen. Ik heb ook altijd gezocht naar werk dat me energie oplevert. Dat moet ook wel, want ik vind werk belangrijk. Andere mensen worden juist gelukkig als ze in hun moestuin zijn, en ik word gelukkig van het werk dat ik doe. Ik word door mijn werk ook een rijker mens. Dat lukt doordat ik mezelf uitdaag en me laat uitdagen.

8.     Aan welke ‘normale’ producten lever jij een bijdrage?

Aan best veel! Ik ben betrokken bij alle geneesmiddelen die Sanquin maakt. Uit 317.000 kilo plasma produceren we elf medicijnen voor meer dan honderd aandoeningen. Die middelen zijn onder meer voor patiënten met hemofilie. Zij hebben van nature geen stollingsfactor, en dus krijgen ze dit elke dag ingespoten. Maar we maken ook medicijnen voor mensen met afweerstoornissen. En wat ook een mooie is, is het plasma dat we maken voor mensen met massaal bloedverlies, bloedvergiftiging en brandwonden. Voor die urgente toestand van plasmaverlies bieden wij een opvulling.

9.     Wat zou je nóg liever doen dan wat je nu doet?

Reizen! Meer van de wereld zien! (lacht) Ik zou dat het liefst willen combineren met werk. Reizen klinkt heel leuk, maar ik kan niet zonder doel een beetje rondlopen. Ik zou wel een flying doctor voor kapotte fabrieken willen zijn. Dat er een probleem is met een fabriek in India en dat iemand zegt: kom, laten we Lineke overvliegen. Maar ik zit nu goed bij Progress-PME. Ik kan mijn rugzakje op een effectieve manier vullen en verschillende facetten van de farma zien. Ik zal hier alleen niet tot mijn pensioen blijven.

10.  Hoe zie je jezelf over tien jaar?

Ik vind het gevaarlijk om heel erg grote uitspraken te doen, maar ik zou graag plant manager willen worden van een productiefaciliteit in de farma of in de voeding. Ik wil sowieso generiek gaan, waarbij ik de achtergrond die ik nu opbouw met me meeneem. Wat ik ook zou graag willen worden, is een interim plantmanager voor problematische fabrieken. En heel ver daarna, als ik met pensioen ben, wil ik in een paar raden van bestuur (lacht). Dat is altijd mijn ideaal geweest, de kennis die ik heb opgebouwd doorgeven aan anderen.

Curriculum vitae

Naam
Lineke Pelleboer

Leeftijd
32

Woonplaats
Utrecht

Huwelijkse staat
Samenwonend (“Ik woon al zes jaar samenmet een man die even ambitieus is als dat ik ben”)

Kinderen
Geen

Opleidingen
Mavo (IJsselstein), mbo voedingstechnologie (Leeuwarden), hbo biotechnologie (Groningen), postbachelor bedrijfskunde (Amsterdam) en Green Belt Lean Six Sigma.

Nevenactiviteiten
Zat jarenlang in het bestuur van de KNCV, maar haar termijn is net verlopen. Lineke is daarom op zoek naar een uitdagende bestuursfunctie. Mail naar L.Pelleboer@sanquin.nl voor meer informatie!

Werkgevers
Lineke startte in 2006 als trainee bij Checkmark Labrecruitment en kwam zo bij DSM, Abbott Laboratories en Janssen Pharmaceutica. Bij die laatste bleef zij werken als shift supervisor. Sinds 2014 werkt Lineke namens Progress-PME bij Sanquin als ad interim hoofd van de afdeling trending.

Wie is Lineke Pelleboer naast haar werk?

Lineke zegt altijd heel stoer dat ze sport, maar verder dan een abonnement bij de sportschool gaat dat niet. Ze leest graag vakliteratuur (“Nu lijk ik wel erg werkverslaafd hè?”), gaat regelmatig uit eten (“ik zie koken vooral als tool om lekker te eten, dus dat outsource ik graag”) en zit vaak in het theater. Daarnaast reist ze veel: van weekenden weg tot een zomervakantie van drie weken in een ver, tropisch oord.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *