NRC Rotterdam: Minder of juist méér banen in haven?

NRC Handelsblad
NRC Handelsblad

Voor de NRC ben ik sinds november 2014 freelance Rotterdam-journalist. Ik schrijf voor zowel de Rotterdam-bijlage als de landelijke editie. Ook verschijnen artikelen soms in NRC.next. 

Hieronder vind je een artikel dat ik begin december schreef voor de Rotterdam-bijlage van NRC. Ik sprak toen met FNV, het Havenbedrijf Rotterdam en een onderzoeker van de Erasmus om na te gaan of de openingen van nieuwe containerterminals écht tot het verlies van banen leidt in de haven.

Minder of juist méér banen in haven?

Volgens vakbond FNV zorgt automatisering in de containeroverslag van de Rotterdamse haven ervoor dat honderden werknemers hun baan kwijtraken. Onderzoekers van de Erasmus denken daar heel anders over: het grote gevaar schuilt juist in een gebrek aan werknemers. Ook het Havenbedrijf betwist de conclusies.

Tekst: Inge Janse
Publicatiedatum: 5 december 2014

Het is een wirwar van kleuren, cijfers, afkortingen en namen in het Excel-document van Joost van der Lecq, bestuurder bij FNV Havens. Het belangrijkste veld: de oranje cel onderaan de rits gegevens die vertelt hoeveel banen er verloren gaan in de haven. In 2015 openen twee automatische containerterminals (van APM en RWG) namelijk hun deuren op de Tweede Maasvlakte. Daar zijn naar verhouding minder mensen nodig, aangezien bijvoorbeeld chauffeurs het veld moeten ruimen voor zelfsturende wagons. En meer automatisering betekent ook minder werk voor de oude terminals, want die verliezen containers aan de nieuwe, efficiënte reuzen.

Van der Lecq rekent voor: groeit de containeroverslag de komende jaren met 4 procent? Dan verdwijnen er zo’n 650 functies. Is die groei slechts 2 procent? Dan zijn het er al ruim 800. Pas bij een groei met dubbele cijfers blijft het aantal banen gelijk. Op de Dag van de Haven op 17 december protesteert FNV Havens daarom in het centrum tegen het ‘asociale’ beleid van de werkgevers en het Havenbedrijf Rotterdam, want die weigeren tot nu toe om de getroffen mensen te ondersteunen. Vooral de laatste moet het ontgelden, omdat het Havenbedrijf volgens de vakbond verantwoordelijk is voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte. Toen dat besluit werd genomen, werd er nog gerekend op die dubbele groeicijfers. Maar aangezien dat tegenvalt, zijn er ook minder banen dan verwacht.

En dus wil FNV Havens dat het Havenbedrijf geld op tafel legt om havenwerkers te helpen die hun werk dreigen te verliezen, bijvoorbeeld door ouderen korter te laten werken met behoud van salaris. Het benodigde geld kan gedeeltelijk vanuit de sector komen, bijvoorbeeld door per container 25 cent in een fonds te stoppen: het kwartje van Castelein, grapt de bestuurder. Het geld moet er in ieder geval zijn, want volgens FNV heeft het in de afgelopen vijf jaar – ondanks de crisis – bijna een miljard euro netto winst gemaakt. Van der Lecq waarschuwt: “Blijven het Havenbedrijf en de werkgevers ons stelselmatig negeren, dan ontstaat rebels gedrag. Daar kun je op rekenen.”

Erasmus

René de Koster denkt compleet anders over dit probleem. Als professor bij de Rotterdam School of Management van de Erasmus richt hij zich onder meer meer op containerterminals. Zijn observatie: het echte gevaar schuilt in een tekort aan werknemers. “Er zijn kaartenbakken vol met banen voor laaggeschoolden in distributiecentra, maar veel Nederlanders willen die niet. Je moet om zeven uur starten, het werk is zwaar en vaak op uitzendbasis, en de functies op Tweede Maasvlakte zitten op een uur rijden van Rotterdam.” Het is dus maar goed, benadrukt de professor meerdere malen, dat er voldoende werknemers uit de Oostbloklanden zijn die dat werk wél willen doen. “Als bijvoorbeeld de Poolse werknemers wegvallen, dan hebben logistieke bedrijven in de haven een enorm probleem. De vraag is dus vooral: kunnen we voldoende mensen blijven vinden?”

Bovendien relativeert hij de onheilstijdingen van de FNV. Door de mega-terminals van APM en RWG neemt in 2015 de capaciteit toe en daardoor ook het aantal banen. Bovendien had het allemaal nog veel erger gekund: “Als deze nieuwe terminals in Antwerpen of Hamburg waren gerealiseerd, dan nam de werkgelegenheid in Nederland in ieder geval af.” En hoe erg het verlies van banen ook is: het is volgens De Koster buigen of barsten. “We moeten wel, willen we onze concurrentiepositie behouden. De arbeidskosten in Nederland zijn hoog, werknemers zijn moeilijk te vinden en de leeftijd van bestaande werknemers stijgt.”

Havenbedrijf Rotterdam

Ook Sjaak Poppe, woordvoerder bij het Havenbedrijf Rotterdam, zet zijn vraagtekens bij de cijfers van de FNV. Volgens hem draaien de nieuwe terminals pas in 2016 op volle kracht, dus voorlopig merken de oude terminals er weinig van. Als in de tussentijd de containeroverslag flink groeit, dan ontstaat er voldoende werk voor de oude én nieuwe terminals.

Ook Poppe onderstreept dat de nieuwe terminals voor nieuw werk zorgen. “Op de Tweede Maasvlakte zijn nu al vierhonderd nieuwe werknemers permanent bezig met het inregelen van de apparatuur en dit zullen er alleen maar meer worden. Automatisering betekent niet dat je geen mensen meer nodig hebt.” Wat wel verandert, is het opleidingsniveau dat gevraagd wordt. “Geautomatiseerde terminals vragen om een ander soort werkzaamheden, dus meer achter het beeldscherm en minder buiten op de kranen en de kade. Maar die tendens zie je al sinds de jaren zestig.”

Kader: werkgelegenheid in de haven

De haven van Rotterdam geeft direct werk aan dik negentigduizend mensen: zestigduizend in de logistiek, twintigduizend in de industrie en twaalfduizend in de dienstverlening. Bovendien hangen hiermee ook zestigduizend indirecte banen samen. Die aantallen groeien nog steeds, want de afgelopen twee jaar nam het aantal directe banen met vierduizend toe. Wel is het zo dat de groei van het ene bedrijf kan betekenen dat een concurrent moet krimpen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *